Het is februari. Voor veel onderwijsprofessionals een drukke tijd, met veel gesprekken. De rapporten worden geschreven, de adviesgesprekken worden voorbereid en de verwachtingen van ouders zijn hoog. Bovenbouwleerlingen én hun ouders zijn druk met schoolbezoeken. Voor VO leerlingen zitten de eerste toets weken er op.
In alle gevallen geldt: als er iets te vertellen is over gedrag, prestaties, ontwikkeling of zorgen dan is dit wel het moment – je werkt lang genoeg samen om een goed beeld te hebben én er is nog tijd om te verbeteren. Wellicht heb je al eerder een signaal afgegeven of een vermoeden gedeeld. Nu is het tijd om to-the-point te komen.
Misschien heb je het al meegemaakt: een ouder die fel reageert, direct in de verdediging schiet of zelfs de aanval kiest tijdens een gesprek. Ga je dan begrijpen of ga je begrenzen?
Hoe kun jij meebewegen in gesprekken, ook wanneer de spanning oploopt?
*Begrijpen: van emotie naar verbinding
Wanneer een ouder ‘lastig’ gedrag vertoont, is dat vaak een uiting van onmacht. De batterij is leeg, de zorg of het belang groot, het gevoel afhankelijk te zijn van de mening van anderen… het kan zomaar gebeuren dat de ouder tegenover je niet meer vanuit ratio reageert maar vanuit een overlevingsmechanisme. De batterij is leeg, de zorg of het belang groot, het gevoel afhankelijk te zijn van de mening van anderen… het kan zomaar gebeuren dat de ouder tegenover je niet meer vanuit de ratio reageert maar vanuit een overlevingsmechanisme.
De kunst is om niet te reageren op de inhoud van de aanval, maar op de behoefte die eronder ligt. Wat speelt er bij de ouder? Welke zorg speelt hier? Welk gevoel overheerst? Wanneer je daar zicht op hebt en dat kunt erkennen, kun je daarna ook op inhoud samen het gesprek weer voeren. Je toont empathie voor het gevoel of de beleving, zónder je standpunt te verliezen.
Hoe van emotie naar verbinding er uit kan zien in een gesprek:
De resultaten van Jayden blijven achter. Je hebt dit eerder besproken met ouders. Er is helaas geen verbetering opgetreden. Als deze lijn zich voortzet, kan Jayden niet doorstromen naar het volgende leerjaar.
Ouder: Bélachelijk – het is pas februari en jullie praten nu al over het jaar overdoen?! Hebben jullie Jayden nu al opgegeven ofzo?! Kom op nou – we hebben nog máánden te gaan tot de zomervakantie!
Professional: Ik zie dat mijn boodschap binnenkomt – wat raakt je zo?
Ouder: Het is pas februari – jullie doen alsof de boel al in beton gegoten zit. Er is toch nog voldoende tijd om problemen aan te pakken?
Professional: Ik leg je graag uit waarom we nu in februari dit gesprek voeren. Maar voordat ik jullie daar in meeneem, heb ik nog één vraag – waar zit jullie zorg?
Ouder: zijn vrienden…hij is net een beetje gesetteld, heeft net een leuk groepje om zich heen…ik zou het echt heel sneu vinden als hij wéér helemaal overnieuw moet beginnen…
Dit geeft een goed beeld waar het de ouder om te doen is. Het is belangrijk dat eerst te erkennen. Daarna kun je ouders, vanuit rust, meenemen in het proces en uitleggen wat er nog wel en niet mogelijk is.
*Benoemen: je zet even kort jouw ondertiteling aan
Soms zijn er kleine gebeurtenissen in het contact die afleiden, irriteren, verbazen of verstoren. Dan kan het handig zijn om er even kort woorden aan te geven, zodat het jullie gesprek niet in de weg staat. Een kleine interventie, waarmee je even ruimte geeft aan ‘verstoringen’ in het contact.
Hoe benoemen er uit kan zien in een gesprek:
Je hebt de vader van Ellen aan de telefoon. Er is iets gebeurt tijdens gym en je wilt dat even persoonlijk terugkoppelen. Je bent in gesprek met vader, en hoort dat hij buiten loopt. Je vertelt over de gebeurtenis, maar hij is druk met zijn hond. Je kunt je zinnen niet afmaken omdat er opeens een ‘Nee Bruno, niet daar!’ of ‘BRUNO! HIER!’ tussendoor komt. Je zet je ondertiteling aan in het telefoongesprek:
‘Volgens mij ben je druk met de hond, ik merk dat het mij afleidt…’
Waarop de vader zegt – je hebt gelijk, ik doe hem even aan de riem.
*Begrenzen: stel eerst grens op gedrag, voordat je inhoudelijk reageert
Stelt de ouder zich eisend en dwingend op? Lijkt het gesprek opeens te gaan over jouw functioneren in plaats van het gedrag van het kind? Neemt de ouder de regie over het gesprek? Waar mogelijk: stel eerst een grens op dit gedrag. Pareer de ‘aanval’ door vanuit rust aan te geven dat je last hebt van het gedrag en dat je wilt dat de ander dat achter wege laat. Vaak is deze tussenstap nodig, om vanuit gelijkwaardigheid het gesprek te kunnen voeren. Grens gesteld, dan kun je samen focussen op de inhoud. Grote kans dat je dan een heel ander gesprek hebt, waarin samen kunt verkennen wat er gaande is en welke aanpak helpend kan zijn.
In de praktijk kan het er zo uitzien:
Je hebt de ouders van Milan uitgenodigd. De aanleiding is het gedrag wat Milan in de klas laat zien – hij is snel afgeleid, praat door de instructie heen en houdt andere leerlingen van het werk.
Je heet ouders welkom, vertelt wat je ziet en de moeder van Milan zegt
‘ik heb je verhaal gehoord maar wat mij opvalt is dat jij niet echt sterk overkomt in dit gesprek. Dus ik begrijp wel dat Milan de grenzen opzoekt bij jou. Weet je wat ik jou zou gunnen? Een goede coach die jou even wat meer power en zelfvertrouwen geeft. Dan zul je zien dat je ook beter met Milan om kunt gaan. Als jij nou eerst even aan jezelf gaat werken, dan horen we het daarna wel als er écht iets is.’
Je kiest ervoor te begrenzen:
‘ik hoor je zeggen dat je vindt dat ik niet sterk over kom en eerst maar in de coaching moet. Dat voelt voor mij niet goed en ik wil dat je dit soort adviezen achterwege laat’
Waarop moeder zegt
‘nouja, het was helpend bedoeld. Maar oké – ongevraagd advies, begrijp ik.’
En jij zegt:
‘zullen we het nu over Milan hebben en waar ik in de klas tegenaan loop?
Wanneer gedrag een grens over gaat, is het belangrijk dat je dat daar tijdig woorden aan geeft. Grenzen geven – hoe gek dat ook klinkt – ruimte. Stel je geen grens, bestaat de kans dat je op enig moment niet meer vanuit een gedragskeuze (vanuit rust begrenzen van gedrag, zoals in het voorbeeld hierboven) maar vanuit een gedragsneiging gaat reageren. In dat geval voert jouw eigen emotie of frustratie de boventoon– meestal niet de meest effectieve reactie.
Op onze website hebben we een aantal verdiepende artikelen over het omgaan met lastige gesprekssituaties in het onderwijs, bijvoorbeeld https://www.pcml.nl/blog/het-gesprek-als-duo-voeren/ over hoe je het maximale haalt uit gesprekken die je samen met een collega voert https://www.pcml.nl/blog/ach-ja-dat-heeft-ie-van-zn-vader/waarin we concrete tips over het omgaan met weerstand geven.
We wensen je heel veel succes én plezier met de komende gespreksronde!